internationale

De oorlog tussen de Fransen en de Duitsers (1870-1871) was door de Fransen verloren na een langdurig beleg van Parijs. De daaropvolgende wanorde in het Franse bestuur mondde in deze stad uit in een wens tot grotere invloed van arbeiders, die zo onder het beleg geleden hadden.

Deze wens kwam tot uiting op 18 maart 1871 bij gevechten die begonnen, nadat de Franse regering uit voorzorg een aantal kanonnen uit Parijs wilde verwijderen. De militairen die hiertoe de opdracht hadden gekregen werden met succes verslagen, waarna Parijs onafhankelijk werd.

De opstandelingen organiseerden democratische verkiezingen, waarbij de gekozenen elk moment afgezet konden worden en ze ontvingen lonen die gelijk waren aan hen die zij vertegenwoordigden. In de dagen dat de Commune de stad regeerde, werden ingrijpende hervormingen doorgevoerd: zo werd het leger vervangen door een nationale garde van burgers, de kerk werd gescheiden van de staat en de middenstand werd gesteund door hen de schulden kwijt te schelden. Maar al fluks moest zij haar aandacht richten op de verdediging van Parijs.

Op 21 mei 1871 begon de Franse regering, die gezeteld was in Versailles, de aanval op Parijs met 130.000 man. De verdediging, geschat op 60.000 man, was fel, maar kansloos. De laatste opstandelingen werden op 28 mei 1871 doodgeschoten.

De Internationale werd geschreven ter herinnering aan de Parijse Commune.

L’Internationale - Eugène Pottier

Debout les damnés de la terre
Debout les forçats de la faim
La raison tonne en son cratère
C’est l’éruption de la fin
Du passé faisons table rase
Foules, esclaves, debout, debout
Le monde va changer de base
Nous ne sommes rien, soyons tout

C’est la lutte finale
Groupons-nous, et demain
L’Internationale
Sera le genre humain
Sera le genre humain

Il n’est pas de sauveurs suprêmes
Ni Dieu, ni César, ni tribun
Producteurs, sauvons-nous nous-mêmes
Décrétons le salut commun
Pour que le voleur rende gorge
Pour tirer l’esprit du cachot
Soufflons nous-mêmes notre forge
Battons le fer quand il est chaud.

L’état comprime et la loi triche
L’impôt saigne le malheureux
Nul devoir ne s’impose au riche
Le droit du pauvre est un mot creux
C’est assez, languir en tutelle
L’égalité veut d’autres lois
Pas de droits sans devoirs dit-elle
Egaux, pas de devoirs sans droits.
Hideux dans leur apothéose
Les rois de la mine et du rail
Ont-ils jamais fait autre chose
Que dévaliser le travail
Dans les coffres-forts de la bande
Ce qu’il a crée s’est fondu
En décrétant qu’on le lui rende
Le peuple ne veut que son dû.

Les rois nous saoulaient de fumées
Paix entre nous, guerre aux tyrans
Appliquons la grève aux armées
Crosse en l’air, et rompons les rangs
S’ils s’obstinent, ces cannibales
A faire de nous des héros
Ils sauront bientôt que nos balles
Sont pour nos propres généraux.

Ouvriers, paysans, nous sommes
Le grand parti des travailleurs
La terre n’appartient qu’aux hommes
L’oisif ira loger ailleurs
Combien, de nos chairs se repaissent
Mais si les corbeaux, les vautours
Un de ces matins disparaissent
Le soleil brillera toujours.

Verschenen in: Chants Révolutionnaires, 1887.

stamppot met spruitjes, knoflook en ui

Voor 4 personen

  • 1 dl vleesfond
  • 750 gram spruitjes
  • olijfolie
  • 2 teentjes knoflook, uitgeperst
  • 1 ui, gesnipperd
  • aardappelpuree
  • 1-2 el Zaanse mosterd
  • 250 magere spekreepjes

Verwarm het fond op een laag vuur.

Maak de spruitjes schoon, was ze en snij de kleine exemplaren doormidden en de grote exemplaren in vieren.

Verhit de olie in een braadpan. Fruit de knoflook en de ui. Voeg vervolgens de spruitjes met het fond toe, dek de pan goed af en smoor de spruitjes in 10 minuten goed gaar.

Giet de spruitjes af en stamp ze goed fijn. Roer de mosterd door de aardappelpuree en meng deze met de spruitjes. Stamp nog een keer om alles goed te mengen. Roer tot slot de spekreepjes door de stamppot.

Serveer direct met stoofpeertjes en een heerlijk glas kraanwater.

evolution


Commercial Dove (Unilever)

dromen dromen

Dromen dromen - Judith Herzberg

Ik droomde dat je thuis was lief,
je kwam licht uit de tuin, ik sliep,
ik hoorde vogels, rook seringen,
jij draaide aan de knop van de radio
die aan mijn hoofdeind stond.
Uit elk station kwamen verwonderlijk
belangwekkende fragmenten.
Ik droomde ook dat ik gedroomd had
dat ik in de keuken stond
en dat ik in de keuken stond
en dat het aanrecht in stukken brak -
marmeren brokken. Ik nam in elke hand
een scherf want dacht ik, misschien
is dit een droom, en bracht mijn handen
langzaam bij elkaar, om het marmer
te horen ketsen, maar het ketste niet.
Ik vond het prettig dat je thuis was;
kon je de droom vertellen. Ja zei jij,
ja dat doet een droom, je voelt iets in je hand
dat er niet is, dat is bekend.
Toen ging de telefoon. Zo heerlijk, dacht ik
dat jij thuis bent, ik slaap nog even door.
Jij neemt wel op. Ik hoorde je spreken.
Hij rinkelde en rinkelde totdat ik wakker werd
en rende. Verdriet om sterven is bekend
verdriet van scheiden niet gedacht. En
doden weten niet hoe ze ontbreken.

Verschenen in: Bijvangst, 1999.

mosterdsoep

download

Voor 4 personen

  • 3 el Zaanse mosterd
  • 3 el fijne mosterd
  • 1 dl witte wijn
  • 4 dl kippenbouillon
  • 4 dl kookroom
  • zout
  • peper
  • 1 el bieslook, fijngeknipt

Verhit een pan met dikke bodem. Voeg de beide mosterdsoorten toe en verwarm deze al roerende gedurende circa 5 minuten.

Schenk de witte wijn erbij en roer goed over de bodem van de pan. Voeg de bouillon toe, breng alles aan de kook en schenk de room erbij. Laat de soep heel zachtjes doorkoken.

Breng op smaak met zout en peper.

Garneer de soep met de fijngeknipte bieslook.

Serveer met roggebrood.

Bron: Margriet Kookboek