sento

Met zijn kleine handjes pakte hij die van zijn moeder stevig vast en steunde zo op haar, terwijl hij wankel rechtop probeerde te staan. Met zijn guitig lachje keek hij mij aan, alsof hij wilde zeggen ‘Kijk eens Edwin, ik kan al staan!’. Mijn vinger had ie ondertussen stevig beetgenomen, die zou ik wel even kwijt zijn.

Zes maanden is Sento, maar ik zag hem pas voor de eerste keer. Waarom weet ik eigenlijk ook niet meer. Hij is wel een schat van baby en lijkt precies op zijn moeder. Nu ja, niet precies. Maar u weet vast wel, wat ik bedoel. Misschien zijn alle baby’s wel schattig, maar dat zou ik zo niet weten. En hij was ook zo rustig. Zijn moeder zei dat dat wel zeer uitzonderlijk was, dat het vast door mij moest komen. Dat ik daarom al wel vaker langs mocht komen, na weer een aantal van hun slapeloze nachten. Dan zou ik heel stilletjes voor hem een fijn liedje zingen gaan.

‘Zou jij geen vader willen worden?’ vroeg de vader. ‘Daar heb je er toch twee voor nodig,’ dacht ik stil, ‘en dat lijkt er gewoon even niet in te zitten.’ Zeggen deed ik het niet, dat zou het blauwe wolkje waar ik op meedreef maar hebben doen oplossen. Mijn vinger had hij ondertussen losgelaten. ‘Kun jij hem even vasthouden?’, zijn moeder ging melk voor hem in zijn flesje doen. Sento zet het meteen op een schreeuwen. Ik schrok een tel, wat deed ik nu weer? Onhandig zijn met baby’s, zou dat nu allemaal vanzelf overgaan? Maar hij was gewoon hongerig en ook een beetje moe geworden, de melk veranderde hem in een kirrende baby. Toen ik hem weer in de armen van van zijn moeder gelegd had, maakte ik nog een foto van de schat.

Plaats een opmerking

Uw e-mailadres zal nooit gepubliceerd of gedeeld worden met derden. Vereiste velden zijn aangeduid met een *

*

*