spock’s beard onevenwichtig

Onevenwichtig, dat was het woord dat ik zocht. Dinsdagnacht kon ik er niet op komen, maar onevenwichtig is een goed woord om het concert van Spock’s Beard in Tivoli te omschrijven. Er stonden twee drumstellen op het podium. Natuurlijk, Neal Morse had zichzelf in God gevonden en Nick D’Virgilio had de rol van leadsinger overgenomen. Nick was al de drummer en zong zo nu en dan al een nummer tijdens het concert, maar dit zou dus betekenen dat er én een tweede drummer zou zijn &eacuten dat Nick zijn drumstokjes toch niet zomaar kon laten rusten.

Tijdens het eerste nummer Onomatopoeia was het geluid ronduit slecht te noemen, dus laat ik daar niet over zeuren. Maar tijdens Gibberish, een Gentle Giant-achtig nummer, viel op dat Jim Keegan heel anders drumt dan Nick. Kunt u zich Larry Mullen ten tijde van Boy en vooral War nog herinneren? Dat zo hard en fel mogelijk rammen op de drumvellen, weinig subtiel. Die subtiliteit kende Jim wel, maar speelde zo agressief dat het vervreemdend werkte. De tijden dat Nick aan het drummen ging, viel alles ook zo beter op zijn plek. Er stonden dus twee drumstellen en u wilt toch nog een antwoord op uw vraag? Ja, er was een drumbattle en ik ben toen maar even twee bier een cassis zonder ijs gaan halen. *zucht*

Dan moet u ook nog weten dat Spock’s Beard van het type progrock is, welke naast de korte heftige nummers ook lange epische stukken stukken spelen. Helaas maakten ze de fout deze niet om en om te spelen. Het ene epische stuk werd gevolgd door het andere, waarna twee korte nummers gespeeld werden (twee ballads nog wel). Dan raak ik mijn concentratie kwijt en ik was niet de enige die aan degenen naast mij vroeg of een volgend biertje er nog wel in zou gaan.

Begrijp me goed, er is geen betere liveband dan Spock’s Beard. Maar dinsdag leek het erop, alsof de nervositeit over het wegvallen van Neal Morse ieder lid van de band parten bleef spelen en ze de setlist ter plekke bleven veranderen om iedereen maar ter willen te zijn. Als zelfs Ryo Okumoto zijn aan waanzinnigheid grenzend enthousiasme niet goed kwijt kan, dan speelde een bepaald soort vrees de band toch parten. Mocht u nu de indruk hebben dat het een slecht concert was, dan moet u weten dat ik geenzins deze mening toegedaan ben. Zij zijn de enige band ter wereld die, naar mijn mening, nog weg kunnen komen met dit soort muziek. Zij zijn de enige, die deze muziek nog overtuigend op de planken kunnen brengen. Alleen waren ze gister nog niet helemaal klaar voor een concert zonder Neal. Het werd een goed concert van Spock’s Beard zonder Neal Morse, maar goed was niet goed genoeg. En dan is onevenwichtig een goed woord om dit concert te omschrijven.

tandartsbezoek

Vanmorgen moest ik naar de tandarts. Alhoewel je nog maar één keer vergoed krijgt, blijf ik nog steeds trouw elk half jaar naar de Cornelis Dirkszstraat gaan. Als het zou kunnen, zou ik ook wel elk jaar door mijn huisarts onderzocht willen worden. Het kan toch nooit kwaad, dan worden kwaaltjes eerder gezien. Zo meneer Schukking, ik zie dat u toch weer een beetje aangekomen bent. En wat denken we daar aan te gaan doen? Dat werk dus.

Maar vanmorgen stond deze jongen in de stromende regen op de tram naar de tandarts te wachten. Ik keek eens naar rechts en zag een nieuwe Combino voor de brug bij de avondzaak stil staan met de knipperlichten aan beide kanten aan. Het zal toch niet zo zijn, dacht ik, dat het GVB uitgerekend nu moet gaan staken? Een busje van het openbaar vervoer reed naar de halte toe, de man achter het stuur vertelde dat de tram verderop defect was en dat hij ons wel naar de halte van de bus wilde brengen. Een beetje een loos gebaar, daar hij ons ook naar het tijdelijk eindpunt van de tram had kunnen brengen. Nu moesten we eerst op de bus wachten, waar we na drie halte’s moesten overstappen op de tram.

Dus ik besloot om vanaf de Van Hallstraat binnendoor te lopen via de nieuwbouw op de Buyskade, best mooi geworden overigens, over de brug naar de Jan van Galenstraat en die dan uitlopen tot de onderdoorgang bij het sportpark om zo naar de praktijk te lopen. Volkomen doorweekt kwam ik de trap opgelopen, waar mijn tandarts net de deur opendeed. Het was duidelijk dat hij met de auto gekomen was, zelfs in de bus blijf je niet zo droog.

Of ik klachten had? Neuh, niet echt. Hij ging met het haakje langs mijn gebit, keek nog nauwgezet met het spiegeltje en zei voldaan, dat het er wederom allemaal keurig uitzag. Nog even wat tandsteen verwijderen, ietwat polijsten en dan waren we alweer klaar met elkaar. Zeven minuten later stond ik alweer in de herfst en was €29,20 armer. Dat is niet helemaal waar. Mijn tanden voelden weer heerlijk glad aan, wanneer ik er met mijn tong overheen gleed. Is ook wat waard, toch?

Bij de Gary’s in de Kinkerstraat nog een superwarme bagel met mozzarella, tomaat en pesto gehaald, waarna de tram me verder de dag in bracht. Geen conducteur te zien en de bestuurder wuifde mijn strippenkaart weg, mijn humeur verbeterde tegelijk met mijn staat van wakker zijn. Het laatste stukje pesto haalde het jongetje voor me van mijn neus en stopte het in zijn mond. Die is lekker voor mij, zei hij nog plagerig.

podium voor senior

De Uitmarkt was de avond ingegaan en ik stond in de rij voor de laatste gratis voorstelling van het weekend. Mylene d’Anjou in de grote zaal van Bellevue. Nog zeker een uur wachten, het begon kouder te worden en toch werd de rij niet korter. Gratis.

Een man kwam achter mij in de rij staan te wachten. Duidelijk op leeftijd, waarschijnlijk gepensioneerd. Hij begon te praten. Te praten over het theater, waar hij nu veel meer tijd voor had. Over zijn werk als vrijwilliger bij de politie. Ja jongen, dat idee dat hebben ze uit Scandinavië gehaald. Dan hebben wij oudjes nog wat zinnigs te doen en kunnen die jonkies boeven gaan vangen. Ik was er wel bij, toen ze die verkrachter in het Westerpark oppakten. Mooi man, dat soort mensen moesten ze ophangen aan hun…

Hij liet ook foto’s zien van zijn kleinkinderen, die hij in zijn portemonnee bewaarde. Schatten allemaal, natuurlijk. Dat hadden mijn kinderen kunnen zijn, dacht ik. Niet dat ik schattig ben, maar zo qua leeftijd. De man was niet langer getrouwd, zat alweer achter de vrouwtjes aan. Ik zal je vertellen jongen, hoe bekakter ze praten hoe liever ze willen. Als je begrijpt wat ik bedoel. En hij gaf mij daarbij een vette knipoog.

Zo was hij de verleden maand een vrouwtje tegengekomen uit de Concertgebouwbuurt. Dus ik neem haar mee eten. Een hapje, een drankje, je kunt de rest vast zelf wel invullen. Weer zo een vette knipoog. Bel ik haar de dag erna op, zegt ze plots tegen mij: …ik zit even met mijn poes te spelen. Dat moet je tegen mij zeggen. Zij kwaad natuurlijk en ook nooit meer wat van gehoord.

Dat soort mensen heeft geen humor. Mijn vrouwtje moet wel een beetje humor hebben. De zaaldeuren gingen open, de man verdween de zaal in en wist een plek tussen twee aantrekkelijke dames op leeftijd te veroveren. Mylene was geweldig, maar ik had mijn voorstelling al gehad. Deze man heeft een verhaal, een publiek is er vast ook wel voor te vinden.

plaid

Jarenlang heb ik een plaid gehad, blauw met groen en rood. Maar zo iets slijt met de jaren en nu de winter er weer aankomt, wilde ik een nieuwe aan gaan schaffen. In de folder van de Bijenkorf stond, dat er twee soorten plaids in de aanbieding zouden zijn. Een effen met een lengte van twee meter en ééntje met een ruit. Of een ander ontwerp, daar wil ik vanaf zijn.

De doldwaze dagen moet voor deze vrouwen zijn, wat Koninginnedag is voor het gewone volk. Iets kopen omdat je ogen te gretig zijn en je dan thuis afvragen wat je er in godsnaam mee moet. Vol goede moed baande ik mij een weg door deze dichte parfumwolk en bereikte dan toch nog de juiste etage. De plaid was er vandaag alleen in unikleuren en zou achttien euro moeten gaan kosten. Zo te voelen het toch niet helemaal waard en een plaid hoort een ruit te hebben.

Nog even rondgesnuffeld, je weet immers nooit, maar daarna toch naar het Leidseplein gewandeld op weg naar huis. In de Kalverstraat de Blokker binnengelopen, waar tot mijn stomme verbazing de plaids ook al in de reclame waren. Met een mooie blauwrode ruit en dat voor maar zeven euro. U wilt deze fleece afrekenen?, vroeg de cassiere. Plaid, dat zeg ik.