kappende kater

Met nog wat slaperige ogen richt hij zich wat van haar kussen op en kijkt haar verbaasd, bijna verontschuldigend, aan. Dat is nu mijn baasje, denkt hij, en ze lijkt er elk jaar weer jonger uit te gaan zien. De zon is nog onder, maar hij ziet dat er iets nog niet helemaal in orde is. Met zijn staart streelt hij, al spinnend, zacht haar gezicht. Vandaag wil hij wat voor haar terug doen. Vandaag gaat hij het begin van haar dag een ietwat vlotter doen verlopen. Zijn nageltjes gaan iets verder uit en zijn klauwen zoeken een weg in haar haar. Na enkele bewegingen gemaakt te hebben, richt hij tevreden zijn kopje, een ietwat scheef, ver boven zijn baasje uit. Hij hoort haar langzaam wakker worden. Goedemorgen baasje, ik heb een verrassing voor je. Oh kijk, ze gaat er zelfs een foto van maken. Ik ben goehoed. Hij laat zich langzaam van het bed afglijden en loopt trots met de staart fier omhoog de woonkamer binnen.

septemberweer

Ik luister niet vandaag. Ik ga ook niet luisteren. Kijken ook niet. Hoedjes interesseren me niet. De Gouden Koets evenmin. Hoogstens vind ik het een beetje sneu voor Bea. Zo zonder Claus. Ze doen maar, luisteren naar het Nederlands volk doen ze toch niet. Ze schijnen te weten, wat goed voor ons. Ik denk er het mijne van.

Maar ik, ik laat me niet meer op de kast jagen. De derde week van september heeft meestal prachtig nazomerweer. Vanmorgen heb ik Kind of Blue gekocht. U kunt trots op mij zijn. De rest van de dag heb ik op balkon gezeten met een boek en Miles Davis op de voorgrond. Mij krijgen ze niet gek.

De derde week van september is de laatste week voor de kou het land intrekt en dit jaar wordt die kou snijpender dan ooit. Had ik u al gezegd, dat in de derde week ook de alleraardigste mensen geboren worden? Niet dat het zo wereldschokkend is, maar dat u het even weet.

vlieg er eens uit

Marcel haalde me rond de klok enen van huis op om naar het vliegveld bij Lelystad te gaan. Het weer zag er niet al te best uit en werd slechter, naarmate we Noord-Holland verder achter ons lieten. Ik zag mijn eerste vlucht al veranderen in een bezoek aan Batavia-stad.

Marcel besloot in de toren te gaan kijken of het weer betere tijden in vooruitzicht had. En zo stond ik dan een kwartier later in de hangar, waar vele blinkende vliegtuigen mij aan stonden te staren. We gingen een vlucht maken in een Cessna. Toen ik in de cockpit keek, begon ik me af te vragen of we er met twee volwassen personen wel in zouden passen. Voor ik me daar druk over kon maken, zat ik al in de stoel met een hoofdtelefoon op.

Prrrrrr, daar zag ik de propellor in beweging komen en gingen we langzaam de taxibaan op. Een dubbeldekker moesten we op wachten, waarna als een temperamentvolle stier ons vliegtuig zich een weg baande naar het begin van de startbaan. Terwijl we moesten wachten op het signaal van de toren, nam de muziek van Morricone bezit van mij. Marcel en ik in het vliegtuig in een strijd tegen de elementen.

Op het moment dat we weer vaart begonnen te maken, begon het vliegtuig behoorlijk te schudden en voor ik er erg in had, waren we los van de grond. En wat een mooi gezicht was het. De grond onder me leek wel op het landschap van mijn vroegere modelbouwtrein. De kleine autootjes, postman Pat en de mini-koetjes. Het was allemaal zo leuk om te zien. En tot dat moment had ik ook geen moment last van het vliegen.

Bij Urk nam Marcel een scherpe bocht, om de weg terug naar het vliegveld aan te vangen. Ik keek daarbij even naar schuin omhoog en daar kreeg ik een heel vreemd gevoel van binnen van. Op het moment dat mijn horizon weer dezelfde was als mijn visuele, toen ging het wel weer. Maar ergens op de terugweg voelde ik aan mijn benen en ingewanden, dat de wind toch behoorlijk opgestoken moest zijn. De benen werden week, maar veel slikken hielp wel. De ruimte in Flevoland bleef mooi om te zien en het vliegen zelf was ook nog geweldig, maar ik was nu wel blij dat we weer terug gingen.

Daar was het vliegveld weer. De windzak stond horizontaal, dus mijn benen hadden het goed begrepen. Maar het vliegen was een geweldig verjaarscadeau geweest en ik wil zeker nog wel een keer mee. Dan moet ik maar even kijken of ik van iemand een camera lenen kan.

twee jaar later

Ondanks alles wat naderhand in naam van de slachtoffers in de wereld aangericht is, blijft de gebeurtenis vandaag twee jaar geleden een nachtmerrie waaruit niemand nog ontwaakt is.